
INTERVIEWS Na de zware 5-1-nederlaag tegen Union Saint-Gilloise kreeg RSC Anderlecht in de HLN Voetbalpodcast stevige kritiek te verwerken. Analisten Frank Boeckx en Toby Alderweireld spaarden paars-wit niet en wezen op de structurele problemen binnen de club. Tegelijk schoof Boeckx ook een opvallende naam naar voren als mogelijke nieuwe trainer: Wouter Vrancken.
Volgens Boeckx zal de zware nederlaag voor sportief directeur Antoine Sibierski misschien zelfs duidelijkheid hebben gebracht. Hij denkt dat de Fransman na de wedstrijd nog beter beseft heeft hoe groot de schoonmaak binnen de spelerskern moet worden. “Dit toont aan dat er veel spelers zijn die niet alleen mogen vertrekken, maar eigenlijk moeten vertrekken”, klonk het scherp. Volgens hem zal Anderlecht diep in de buidel moeten tasten om opnieuw competitief te worden.
Daarnaast hekelde Boeckx vooral de mentaliteit binnen de ploeg. Hij stoorde zich eraan dat de spelers enkel lijken te reageren wanneer er extra motivatie aanwezig is, zoals een bekerfinale of het ondersteunen van een trainer. In wedstrijden zonder grote inzet zag hij volgens eigen zeggen te weinig strijdlust en engagement, iets wat hij “onwaardig voor Anderlecht” noemde.
Ook Alderweireld was bijzonder streng voor de recordkampioen. Hij wees erop dat de problemen zich al jaren opstapelen en niet enkel bij de spelers liggen. Volgens de voormalige Rode Duivel ontbreekt het Anderlecht aan structuur en visie. Hij stelde dat telkens opnieuw andere mensen de club moeten proberen redden, zonder dat er fundamenteel iets verandert.
Een van de belangrijkste dossiers voor Sibierski wordt nu de zoektocht naar een nieuwe hoofdcoach. Boeckx ziet in Vrancken een interessante kandidaat. Hij verwees daarbij naar het voetbal dat Sint-Truidense VV dit seizoen bracht. Volgens hem heeft Vrancken bewezen dat hij met een beperkte kern toch verzorgd en degelijk voetbal kan brengen.
Alderweireld begrijpt eveneens waarom Vrancken een logische keuze zou kunnen zijn. Volgens hem is de druk bij Anderlecht vandaag minder groot dan vroeger, omdat de verwachtingen sterk zijn afgenomen. “Het kleinste positieve resultaat zal al snel als een succes worden gezien”, luidde zijn conclusie.
Bron: hln.be (hln.be)